Jump to Navigation

Speerpunten onderzoek afdeling Anesthesiologie AMC

Voorzitters Afdeling: Prof. Dr. Dr. M. W. Hollmann, DEAA;  Prof. Dr. W. S. Schlack, DEAA

Principal Investigators: Prof. Dr. Dr. M. W. Hollmann, DEAA;  Prof. Dr. B. Preckel, DEAA; Dr. C. J. Zuurbier

Senior onderzoeker: Prof. Dr. W. S. Schlack, PD Dr. Dr. P. B. Lirk, PD Dr. Dr. M. F. Stevens, Dr. N.C. Hauck-Weber, PD Dr. H. Hermanns, Dr. B.F. Geerts, Dr. D.P. Veelo, Prof. Dr. R. A. van Hulst, Dr. R.V. Immink

Missie en Visie

De afdeling Anesthesiologie doet onderzoek om de veiligheid en kwaliteit van perioperatieve zorg en chronisch pijn management voor haar patiënten te verbeteren. Door een unieke combinatie van topfaciliteiten voor klinisch onderzoek alsmede voor basis laboratorium onderzoek bieden wij een stimulerende en aantrekkelijke academische omgeving voor translationeel anesthesiologisch onderzoek van hoogwaardige kwaliteit. Doorlopend motiveren en inspireren van jonge onderzoekers is de sleutel tot het behalen van onze doelstellingen.

Het onderzoek binnen de afdeling Anesthesiologie richt zich op:

1. Cardioprotectie

Cardioprotectie is gelieerd aan het AMC speerpunt cardiovasculaire ziekten en binnen ons onderzoek zetten wij verschillende translationele studies op met als doel het verifiëren van in vitro en in vivo vastgestelde cardioprotectieve effecten van pre- en postconditionering bij mensen, gebruik makend van verschillende farmacologische interventies en ischemische conditionering op afstand (remote preconditioning).

2. Anesthesie & signaaltransductie

Anesthesie en signaaltransductie behoort tot een van de speerpunten van het AMC op het gebied van inflammatie en immunologie. Op dit gebied zullen wij de werkingsmechanismen van locaalanesthetica onderzoeken en in het bijzonder de effecten van locaalanesthetica op tumor ontwikkeling.

3. (Chronisch) Pijnmanagement

Onderzoek gerelateerd aan (chronisch) pijn management richt zich op de preklinische en klinische effecten van regionale anesthesie bij diabetes. In aanvulling hierop ligt de focus, binnen het gebeid van chronische pijnbestrijding, op neuromodulatie of neuropathische pijnbestrijding. Onderzoek naar neuromodulatie richt zich op twee onderzoekslijnen; nieuwe manieren van stimulatie met strategieën voor stimulatie van de dorsale wervelkolom en neurostimulatie bij perifere neuropathische pijn (gerelateerd aan pijnlijke polyneuropathieen en postoperatieve pijn).

4. Hemodynamische optimalisatie

Perioperatieve hemodynamische optimalisatie richt zich op het verbeteren van de perioperatieve conditie in nauwe relatie met de verschillende chirurgische, verpleegkundige en paramedische specialisme met bijzondere aandacht voor vocht- en hemodynamisch management in alle perioperatieve fasen.

5. Cerebrale gasembolieën

Binnen het onderzoeksgebied van cerebrale luchtembolieën streven wij naar het ontdekken van pathofysiologische mechanismen, profylactische en therapeutische behandelingen voor patiënten met cerebrale lucht embolieën.

6. Overig onderzoek

 

Experimentele anesthesiologie: LEICA

De experimentele anesthesiologie is ingebed in het gezamenlijke L.E.I.C.A. laboratorium: het Laboratorium voor Experimentele Intensive Care en Anesthesiologie. Belangrijk hierbij te noemen is de vereniging van de basale wetenschapsactiviteiten van twee zusterdisciplines in één laboratorium. L.E.I.C.A. is het eerste laboratorium in z’n soort in Nederland en uniek in Europa.

De hoofd onderzoekslijnen, en goede voorbeelden van translationele wetenschap, zijn cardioprotectie en moleculaire mechanismen van anesthetica. Groeiende innovatieve ontwikkelingen hebben betrekking op pathofysiologie en behandeling van cerebrale lucht embolieën, de kwantificering van mitochondriale zuurstof in situ en de effecten van anesthesie op tumorgroei.

Klinisch Onderzoek

De diversiteit van het onderzoek op de afdeling Anesthesiologie is een afspiegeling van de brede van het specialisme. Echter een van de belangrijkste onderzoekslijnen heeft betrekking op cardioprotectie. Omdat dit ook in het focus van ons experimenteel onderzoek staat is de vertaling van het laboratorium naar de kliniek een kracht van onze afdeling.

 

Onderzoeksthema: Cardioprotectie

L.E.I.C.A.’s cardioprotectie groep bestaat uit verschillende toonaangevende experts (Prof. Hollmann, Prof. Schlack, Prof. Preckel, Dr. Hauck-Weber en Dr. Zuurbier) op het gebied van ischemie/reperfusie (I/R) schade, pre- en postconditionering van het hart. Onze onderzoeksgroep richt zich binnen het L.E.I.C.A. laboratorium primair op de bescherming van het hart, de bloedvaten en andere organen, gedurende korte periodes zonder zuurstof. Periodes zonder zuurstof komen regelmatig voor in verschillende klinische omstandigheden (chirurgie, cardiologische bypass operaties, shock, CVA, transplantaties) en gedurende een acuut myocardinfarct.

Dit onderzoek is klinisch van groot belang en is van groot sociaal impact; het kan leiden tot verbeteringen in de klinische zorg en de strijd tegen cardiovasculaire aandoeningen (nog steeds volksziekte nummer één). Samen met een groot arsenaal aan verschillende biochemische analyse methoden (eg Western blotting, Real time PCR, immuunhistochemie, Elisa, FACS) gebruiken we cel kweekmodellen, geïsoleerde organen en in vivo en in vitro modellen. Afhankelijk van de translationele benadering vinden delen van het onderzoek ook plaats in de klinische setting op de OK. Het onderzoek richt zich voornamelijk op:

1) Het verkrijgen van meer inzicht in het werkingsmechanisme van de cardiale protectie

2) Ontwikkelen van klinisch relevante toepassingen van cardiaal beschermende interventies.

3) Ontrafelen van de moleculaire mechanismen verantwoordelijk voor de bescherming tegen cel sterfte. Onze huidige aandacht richt zich hierbij op de mitochondriale functie, caveolin signal transductie, mitochondria-hexokinase interacties en inflammatoire mediatoren omdat ons onderzoek heel duidelijk aangeeft dat deze eenheden belangrijke schakelaars zijn in de protectieve signaal cascade.

4) Ontwikkeling van klinisch relevante cardiaal beschermende strategieën. Veel laboratoriumafgeleide cardioprotectieve strategieën  zijn uiteindelijk klinisch mislukt. Een belangrijke reden hiervoor is dat de basale onderzoekers vaak niet de klinische conditie (b.v. co-morbiditeiet) van de patiënt in acht neemt. Ons laboratorium is optimaal uitgerust om deze problemen op te lossen doordat het is samengesteld uit basale onderzoekers en clinici. Bij de beschermende strategieën die we ontwikkelen en bestuderen is speciale aandacht voor deze klinische condities zoals bijvoorbeeld de gezondheidstoestand van patiënten, de gebruikte anesthetica en het gebruik van andere medicatie. Op dit moment richt zich de aandacht op ischemische preconditionering op afstand (Remote ischemic preconditioning, RIPC), specifieke anesthetica en helium inademing als klinisch toepasbare interventies ter bescherming van het orgaan/weefsel tegen een periode zonder zuurstof.

Cardioprotectie: Anesthetica en edele gassen

De samengevoegde expertise van Prof Hollmann, Prof. Preckel, Prof. Schlack, Dr. Hauck, en Dr. Zuurbier maakt de onderzoeksgroep tot een van de meest toonaangevende onderzoeksgroepen ter wereld. De effecten van de verschillende vormen van anesthesie, getest op cel niveau en in dierproeven in L.E.I.C.A. werden en worden getest in de klinische setting. In samenwerking met de afdelingen Neurologie van het AMC en het Tergooi-Ziekenhuis Blaricum is begonnen met de evaluatie van de toepassing van Helium bij patiënten met een acute beroerte. Of helium ook gebruikt kan worden na een hartstilstand is geëvalueerd in samenwerking met de afdeling Intensive Care van het AMC. Daarnaast is de afdeling Anesthesiologie het hoofd centrum voor een internationale multicenter studie naar de effecten van ischemische pre- and postconditioniering (RIPC) op de uitkomsten na CABG chirurgie. Binnen deze patiëntenpopulatie worden de moleculaire mechanismen van RIPC vastgesteld, wat het mogelijk maakt een vertaling van de fundamentele bevindingen in dierstudies (welke werden uitgevoerd in nauwe samenwerking met de afdeling Anesthesiologie van de universiteit dan Düsseldorf, Duitsland) naar de klinische situatie te doen. We zijn ook voornemens het fenomeen van RIPC te onderzoeken bij patiënten die een niertransplantatie moeten ondergaan.

 

Onderzoeksthema: Anesthesie & signaaltransductie

GPCRs en signaal transductie

Prof. Hollmann is een vermaard expert op het gebied van de effecten van anesthetica en in het bijzonder die van lokaalanesthetica (LA) op de signaal transductie van G-proteïne gekoppelde receptoren. Zijn bevindingen over de wisselwerking tussen LA en specifieke G-proteïn subunits en G proteïne signaal banen hebben geleidt tot  een herleving van het algemene gebruik van LA in de perioperatieve zorg voor andere indicaties dan pijnbestrijding (e.g., voorkomen van ontstekingen en stolsels). In toekomstige onderzoeksprojecten zal geprobeerd worden de actieve delen van de LA te identificeren die verantwoordelijk zijn voor de bescherming en bijbehorende aangrijpingspunten waardoor  nieuwe medicatie kan worden ontwikkeld; specifiek gericht op de modulatie van de stolling en de functie van het immuunsysteem, maar zonder de kenmerkende neveneffecten van LA, t.w. de natriumkanaal blokkade. Dr. Stevens complementeert deze onderzoekslijn met zijn experimentele studies op het gebied van neurotoxiciteit van anesthetica (voornamelijk lokaalanesthetica).

Het basale onderzoek van Dr Philipp Lirk wordt uitgevoerd in nauwe samenwerking met de afdeling neuropathologie, neurologie, cardiologie en de klinische neurofysiologie. Op het gebied van de basale wetenschap, willen we de farmacologie en toxicologie van lokale anesthetica (LA) verkennen. In de afgelopen jaren heeft dit onderzoek zich gericht op de mechanismen en de preventie van LA geïnduceerde neurotoxiciteit, terwijl wij recent epigenetische effecten van de toediening van LA en opioïden hebben onderzocht. Voor het translationele gedeelte, zijn wij geïnteresseerd hoe diabetische neuropathie de effectiviteit en veiligheid van regionale anesthesie beïnvloedt, met name de perifere regionale anesthesie. Wij hebben een veelomvattend model van regionale anesthetica in diabetische neuropathie ontwikkeld, waaronder genetisch gemodificeerde ratten (ZDF), neurofysiologie om te schatten hoe hevig neuropathie is, percutane zenuwblokken, gedragstesten, neurohistopathologie en patch klem elektrofysiologie.

Anesthetica & Tumorbiologie

Door het verleggen van de aandacht van dit anesthesiologie onderzoek van primaire perioperatieve uitkomst naar lange termijn uitkomst, hebben wij een nieuw, innovatief onderzoeklijn opgezet, waarin wij het effect van verschillende anesthesietechnieken op tumorbiologie onderzoeken. Kanker operaties worden meestal uitgevoerd onder algemene anesthesie met postoperatieve pijnbestrijding door opioïden. De stress van de operatie, algemene anesthetica en opioïden zouden elk immunosuppressief kunnen zijn en zouden zij in het bijzonder cel gereguleerde immuniteit, dat kritisch is voor controle van overgebleven tumorcellen, kunnen remmen. Opioïden en stress zouden ook angiogenese kunnen stimuleren, welk weer de groei van kankercellen stimuleert. Regionale anesthesie en analgesie zouden misschien het terugkomen van de kanker ziekte kunnen voorkomen, want deze blokkeren de neuroendocriene stress reactie, verminderen of elimineren de noodzaak van het gebruik van algemene anesthetica en ondervangen de noodzaak voor het gebruik opioïden postoperatief.

 

Onderzoeksthema: (Chronisch) Pijnmanagement

Neuromodulatie voor chronische neuropathische pijn behandeling

De onderzoekslijn ‘’Nieuwe stimulatie modellen en strategieën voor dorsale kolom stimulatie’’ adresseert de dosis effect relatie tussen de hoeveelheid energie waarmee het ruggemerg gestimuleerd werd en de klinische uitkomst. Dit in relatie tot andere variabelen, zoals het anatomische target van de stimulatie en configuratie van de elektroden. Voorbeelden zijn de multi-center High And Low energiefrequentie RCT (HALO studie) en de multi-center PAResthesia Vs Anatomical guided stimulation RCT (PARVA studie). De onderzoekslijn ‘’Neurostimulatie voor perifere neuropathische pijn’’ is toegewijd aan het verzamelen van bewijs voor specifieke neuropathische pijn diagnosen en het optimaliseren van klinische uitkomsten in neurostimulatie voor deze aandoening. Voorbeelden van onderzoeker-geïnitieerde studies zijn Dorsal Root Ganglion (DRG) stimulatie voor neuropathische arm pijn (AMS-01 studie) en voor fantoom ledemaat pijn (AMS-02 studie). Als toevoeging, participeren we in enkele multi-center post-market studies, bijvoorbeeld: RCT voet pijn (12-SMI-2014), RCT lies pijn (24-SMI-2014), onderrug pijn (18-SMI-2013) en postoperatieve pijn (20-SMI-2013).

Lange-termijn effecten van regionale anesthesie

Deze onderzoekslijn omvat studies kijkend na de impact van regionale anesthesie (met name echogeleide perifere zenuwblokkade) op de functionele uitkomst in orthopedische chirurgie en de ontwikkeling van chronische pijn in een gemengde chirurgische populatie te definiëren.

Andere onderzoek inspanningen (Dr. P. Lirk) omvatten onder meer de relevantie van perifere zenuwblokkade op de Spoedeisende Hulp bij ouderen met heupfracturen (DEPTHIP studie), de rol van regionale anesthesie bij de preventie van fantoompijn (PLATA studie-serie) en veiligheidsaspecten van epidurale anesthesie, een project uitgevoerd in opdracht van de Nederlandse Vereniging voor anesthesiologie.

 

Onderzoeksthema: Hemodynamische optimalisatie

Perioperatieve vloeistof en cardiovasculair management is een kern competentie binnen de anesthesiologie. Hemodynamische controle is gelinkt aan de anesthesiologische benchmarks evenals misselijkheid en braken, pijn, zuurstofvoorziening van weefsel, cardiopulmonale complicaties, noodzaak voor heroperatie, duur van opname en hersteltijd van het darmstelsel. Echter perioperatief vocht management omvat het type vloeistof, de exacte samenstelling en respectievelijk de hoeveelheid vocht. Er is bijvoorbeeld toenemend bewijs dat bij uitsluitend gebruik van kristalloïden de interstitiële ruimte mogelijk overbelast raakt met zwelling en anastomosen lekkage wat de uitkomsten van de patiënt waarschijnlijk negatief beïnvloed. Recente studies laten zien dat een restrictief vochtbeleid perioperatief bij grote operaties voordelig is voor de patiënt. In verschillende patiëntenpopulaties die een grote buik operatie moeten ondergaan proberen we het optimale vochtmanagement te bepalen om morbiditeit te reduceren en de gastro-intestinale functie te verbeteren zodat de duur van het ziekenhuis verblijf en de kosten van de behandeling zo laag mogelijk blijven gedurende de perioperatieve behandeling. Dit onderzoek wordt uitgevoerd in samenwerking met aan aantal internationale experts en meer dan tien andere afdelingen anesthesiologie in Nederland.

 

Onderzoeksthema: Cerebrale gasembolieën

In een samenwerkingsproject met het Nederlandse ministerie van Defensie worden cerebrale arteriële gas embolieën  (een complicatie die ontstaat bij duiken, maar ook een complicatie van een invasieve medische procedures) nagebootst in een experimenteel diermodel waarbij de pathofysiologie, preventie en behandeling wordt onderzocht.

 

Onderzoeksthema: Overig onderoek 

Cerebrale Perfusie

Het voornaamste doel van deze onderzoekslijn is het ontrafelen van het effect van zuurstof op de regeling van de bloedcirculatie in de hersenen. De resultaten hebben belangrijke implicaties voor onder andere het begrijpen en behandelen van acute hoogteziekte. Voor het behandelen van patiënten met gecompromitteerde cerebrale autoregulatie (CA) en zuurstofvoorziening van de hersenen evalueren wij met onze studies het belang van arteriële hypertensie en/of zuurstof toevoer. Het aanwenden  van Near Infra Red Spectroscopy (NIRS) om de zuurstofvoorziening van het hersenweefsel te monitoren, de rol van zuurstof in CA gedurende veranderingen in de bloeddruk of  verschillende niveaus van arteriële zuurstofvoorziening zal worden vastgesteld. Door het gebruik van nieuwe zelf ontwikkelde analyse technieken zijn we in staat te kwantificeren wat het vermogen is van het cerebrale vaatstelsel om plotselinge veranderingen in de bloeddruk te reguleren die veelvuldig voorkomen in de perioperatieve omgeving. Vasoactieve medicatie, intraveneuze en volatiele anesthetica beïnvloeden de activiteit van het autonome zenuwstel met als resultaat aanzienlijke veranderingen in de bloeddruk en de systemische cardiovasculaire regulatie. Cerebrale vaten zijn rijkelijk geïnnerveerd door sympathische zenuwen, maar er is een controverse wat betreft de rol van sympathische zenuwen in de regulatie van cerebrale bloedtoevoer (CBF). Alle andere regulerende mechanismen van CA ongemoeid latende, creëren we een cerebraal sympathicus “knock out” model door eenzijdig het Ganglion stellatum superior te blokkeren om de sympathische bijdrage op de regulatie van de cerebrale bloedtoevoer (CBF) te kwantificeren. Als de regulering van de cerebrale bloedtoevoer verslechterd bij een sympathische blokkade dan zijn de hersenen mogelijk extra kwetsbaar voor een verslechtering van de bloedtoevoer gedurende het gebruik van anesthetica.

Daarnaast willen we de invloed van veranderingen in de cerebrale perfusie druk en cerebrale bloedtoevoer op CA onderzoeken bij patiënten die een hartoperatie ondergaan met extracorporale bypass, met of zonder reeds bestaande onderliggende aandoeningen (diabetes, CVA, etc.).

 

Decision support

Klinische richtlijnen worden algemeen gebruikt om wetenschappelijk bewijs te vertalen naar klinische zorg. Ze dienen meerdere doelen maar worden meest gebuikt om de juiste (state of the art) behandeling op de juiste patiënt toe te passen, ongecontroleerde variabiliteit te reduceren en de klinische zorg te verbeteren. Echter kan in de praktijk de implementatie van richtlijnen door het niet naleven van deze gehinderd worden. Het doel van dit project is te onderzoeken welke factoren  die het naleven van de richtlijnen beïnvloeden kunnen worden aangepakt met behulp van beslissingsondersteuning geïntegreerd in een Patiënten Data Management Systeem (PDMS). Dit systeem monitort de data in het patiëntendossier en biedt ondersteuning bij het herkennen of zelfs voorspellen van potentiele complicaties en bied beslissingsondersteuning met zo min mogelijk verstoring van de klinische zorg. We hebben aangetoond dat dergelijke systemen de naleving van een specifieke richtlijnen en daarmee de kwaliteit van zorg kunnen verbeteren en streven er naar het systeem te verbreden en te optimaliseren tot een krachtiger en toepasbaarder systeem dat ook toepasbaar is op andere richtlijnen en situaties. Daarnaast kijken we naar de onbedoelde consequenties die beslissingsondersteuning met zich meebrengt en de redenen waarom de richtlijnen nog niet altijd worden nageleefd.

 

Optimaliseren van de cardiovasculaire risico factor perioperatieve stofwisseling

De incidentie van diabetes mellitus in de algemene bevolking neemt in epidemische proporties toe en dit wordt weerspiegeld in de chirurgische populatie. Patiënten met diabetes mellitus lopen een verhoogd risico op postoperatieve complicaties; Het bewijs dat door de behandeling van perioperatieve diabetes klinische uitkomsten kunnen worden verbeterd is echter verrassend schaars. In deze klinische onderzoekslijn streven we naar het identificeren van risicofactoren voor postoperatieve complicaties bij patiënten met diabetes, het verbeteren van de detectie van hyperglycaemie met nieuwe controletechnieken en wij onderzoeken de perioperatieve behandeling van een verhoogd glucose level in gerandomiseerde klinische studies. Een ander aandachtspunt is perioperatieve hyperglycaemie zonder bestaande diagnose van diabetes mellitus en de diagnose en gevolgen van diabetes mellitus op perioperatief cerebraal en cardiaal autonoom falen.

 

Grote data patiënten controle met behulp van nieuwe technieken

De toekomst van de wetenschap is afhankelijk van de samenwerking tussen onderzoeksgroepen en afdelingen. De afdeling Anesthesiologie van het AMC is één van de slechts twee niet-Amerikaanse anesthesiologie afdelingen betrokken bij het project Multicenter Perioperative Outcomes Group (MPOG) (Dr. P. Lirk, Drs. F. Kooij) en we hebben onze eerste data geüpload bij: “Anesthesia Quality Institute (AQI)“ van de American Society of Anesthesiology (ASA).

We dragen actief bij aan MPOG onderzoeksprojecten: Ons eerste onderzoeksvoorstel hebben wij ingediend bij het Comité MPOG Research. Bovendien zijn we de potentiële klinische voordelen van draadloze monitoring van chirurgische (hoog risico) patiënten met een nieuwe RFID-technologie (Sensium®) aan het verkennen, en zijn onlangs gesubsideerd voor een Innovatieproject ​​om te onderzoeken hoe deze draadloze controle invloed zou kunnen hebben op de "failure to detect" van complicaties bij chirurgische patiënt, wat de perioperatieve zorg zou kunnen verbeteren.

 

Perioperatieve-optimalisatie

Enhanced Recovery After Surgery (ERAS; versneld herstel na een operatie) is een bewezen strategie om chirurgische complicaties te verminderen. Wij voeren (implementatie) onderzoek uit in nauwe samenwerking met GI chirurgen, cardiothoracale chirurgen, cardiologen, intensivisten, diëtisten, fysiotherapeuten, verpleegkundigen en ICT-deskundigen om de huidige zorgpraktijken (eten, drinken, mobilisatie en pijnbestrijding) te verbeteren, de compliantie met werkafspraken te optimaliseren en de perioperatieve patiënt (mede-)eigenaar van zijn eigen herstel te maken (eHealth-oplossingen). We werken ook samen met “machine- en deep learning experts” voor het ontwikkelen van real-time en continue waarschuwingssystemen voor het vroegtijdig signaleren en behandelen van complicaties.

 

Sedatie: Veiligheid & Effectiviteit

In de samenwerking met de Afdelingen Gastro-enterologie & Hepatologie van het Academisch Medisch Centrum, Amsterdam en het Universitair Medisch Centrum Utrecht, focust deze onderzoekslijn op de patiëntveiligheid en tevredenheid, effectiviteit en ervaringen door de gastro-enterologen bij sedaties die gegeven worden door een anesthesiemedewerker (sedation anesthesia nurse, SAN).

 

Prehospital Advanced Life Support – Luchtwegmanagement en beademing tijdens reanimatie buiten het ziekenhuis

In samenwerking met de AmsteRdam REsuscitation Studies (ARREST) groep van dr. Ruud Koster (AMC), focust dit onderzoek zich op luchtweg management, ventilatie en capnografie tijdens de prehospitale reanimatie, met name door de ambulancezorg. Er zijn op dit gebied nog veel relevante vragen: is endotracheale intubatie of een larynxmasker de beste techniek voor luchtweg management tijdens Advanced Life Support? Welke beademingsfrequentie is optimaal? Wat vertelt het end-tidal CO2 ons over de oorzaak van de circulatiestilstand? Drs. Hans van Schuppen richt zich op deze vragen binnen zijn promotie onderzoek.

 

Research Networks & Large Clinical Trials

De afdeling Anesthesiologie is niet alleen betrokken, maar ook regelmatig het hoofd centrum voor vele nationale en internationale grootschalige multicenter studies. De afdeling ontvangt regelmatig subsidies van de  European Society of Anesthesiologists (ESA) Clinical Network (ESA-CTN, e.g. EUSOS, POPULAR (Steering committee), PROVHILO (Main center), LAS VEGAS (Main center), PROBESE (National coordinator), PROTHOR (National coordinator), PLATA (Main center), NECTARINE). Prof. Hollmann and Dr. Hemmes maken deel uit van de  Protective Ventilation Network (PROVENET). Prof. Hollmann and Dr. Lirk zijn samen met Dr. Ridderikhof (Emergency Department AMC) de hoofdonderzoekers voor de door ZONMW gesubsidieerde studie PANAMA and DEPTHHip trial. Prof. Hollmann, Prof. Boer (VuMC) en Prof. Buhre (MUMC) zijn de  Principal Investigators voor de door ZonMW gesubsidieerde nationaal TRACE trial. Samen met Prof. Boermeester (afdeling chirurgie, AMC) is Prof. Hollmann hoofdonderzoeker voor de door ZonMw gesubsidieerde EPOCH study. Ter aanvulling, Prof. Hollmann is deelnemer van het NIMIT consortium (STW funded) en nationaal coördinator voor het EU COST project over anesthesie & kanker.

 

Samenwerking in onderzoek

Lokaal

De afdeling anesthesiologie werkt in het kader van onderzoek samen met verschillende afdelingen binnen het AMC;

Intensive Care (Prof. Vroom & Prof. M. Schultz)

Experimentele Chirurgie (Prof. T.M. v Gulik)

Chirurgie (Prof. W.A. Bemelman & Dr. M. Idu & Dr. M.A. Boermeester)

Experimentele Interne Geneeskunde (Prof. T van de Poll)

Endocrinologie (Prof. E. Fliers)

Gastroenterologie & Hepatologie (Prof. G.E.E. Boeckxstaens)

Traumachirurgie (Prof. C. Goslings)

Neurologie (Dr. Y. Roos)

Cardiologie (Dr. R. Koster – ARREST group) 

Epidemiologie (Dr. J.C. Korevaar)

 

Nationaal

-          Department of Anesthesiology, Erasmus MC Rotterdam for research on Xenon & cardioprotection (Dr. J. Hofland)

-          Department of Anesthesiology, LUMC for research on preoperative assessment, pain and GPCR signal transduction (Prof. A. Dahan & Dr. A de Roode & Dr. F . Boer)

-          Department of Anesthesiology, UMCU for research on Sedation for Non-Anesthesiologists (Prof. C.J. Kalkman & Prof. H. Knape)

-          Department of Anesthesiology, OLVG for Decision Support research (Dr. J.E. Kal & Drs T. Klok)

-          Department of Anesthesiology, Diakonessen Hospital Utrecht for research on Neuromodulation (Dr. X. Zuidema)

-          Department of Neurology, Tergooi-Ziekenhuis Blaricum for Helium in stroke patients (dr. J. de Kruijk)

-          Department of Anesthesiology, AVL Amsterdam for research on pain therapy (Dr. M. Sramek)

-          Division of Molecular Biology, Netherlands Cancer Institute for research on anesthetics and tumor biology (Dr. J. Jonkers)

-          Ministry of Defense, Royal Netherlands Navy, and specifically the Diving Medical Center, Den Helder for research on cerebral arterial gas embolism.

-          ‘Dutch GDT & Benchmark network’; Departments of Anesthesiology of Westfriesgasthuis, Onze Lieve Vrouwe Gasthuis, VUmc, LUMC, Albert Schweitzer Ziekenhuis, Reinier de Graaf ziekenhuis, UMCG, Anthoni van Leeuwenhoek, Medisch Centrum Alkmaar

-          Prof. dr. J. Hans DeVries, Department of Endocrinology, AMC

-          Dr. J. Hermanides, Department of Anesthesiology, Pain and Palliative Care, RadboudUMC, Nijmegen

-          Department of Anesthesiology, Rijnstate Hospital Arnhem for research on Neuromodulation (dr. J.W. Kallewaard)

-          Department of Anesthesiology, Alrijne Hospital Leiderdorp for research on Neuromodulation (dr. K. Burger)

-          Department of Anesthesiology, Noordwest Hospital Group Alkmaar for research on Neuromodulation (dr. S. de Graaf and dr. H. Pelleboer)

 

Internationaal

-          Department of Anesthesiology, Univ. of Heidelberg, Germany for research on local anesthetics, ultrasound-guided regional anesthesia and lung physiology (Dr. S. Herroeder & Dr. J Kessler)

-          Department of Anesthesiology, Univ. of Duesseldorf, Germany, Basic mechanisms of remote pre- and post-conditioning (Prof. Dr. I. Bauer, Prof. dr. B. Pannen)

-          Department of Anesthesiology, Univ. of Virginia, US for research on local anesthetics & GPCRs (Prof. M.E. Durieux)

-          Department of Anesthesiology, Perioperative and Critical Care Medicine, Parcelsus Medical University, Austria, for research on local anesthetics & pain therapy (Prof. Dr. P. Gerner)

-          Department of Anatomy, Innsbruck Medical University, Austria, for research on neurotoxicity of local anesthetics (Prof. Dr. Lars Klimaschewski)

-          Department of Gynecology, Laboratory of Clinical Biochemistry, Innsbruck Medical University, Austria, for research on epigenetic effects of local anesthetics

-          Department of Anesthesiology, Hospital for Joint Diseases, New York University, NY, for research on clinical application of peripheral nerve blocks (Prof. Dr. Arthur Atchabahian)

-          Department of Anesthesiology, University of Vienna, Austria for research on regional anesthesia & Outcome (Prof. P. Marhofer & Dr. E. Fleischmann)

-          Department of Anesthesiology, University of California, San Diego,VA San Diego Healthcare System, VS (Professor Hemal H. Patel, PhD Professor & Vice-Chair for Research,Director, UCSD Cardiac/Neuro Protection Laboratories

-          Klinik für Anästhesiologie und Operative Intensivmedizin Campus Kiel, Germany, (Prof. Dr. Martin Albrecht)

-          Department of Anesthesiology & Institute of Biochemistry and Molecular Cell Biology, RWTH

Aachen University, Germany (Priv.-Doz. Dr. med. Christian Stoppe)

     Universitätsklinik für Anästhesiologie und Schmerztherapie, Inselspital, 3010 Bern, Switzerland

             (Priv.-Doz. Dr. med. Jürgen Knapp, DESA EDIC)

-          Department of Critical Care, University of Pittsburgh for research on mean systemic filling pressure (Prof. M. Pinsky)

-          Department of Anesthesiology, Critical Care and Physiology, McGill University, Montreal, Canada (Prof. S. Magder)

-          Department of Anesthesiology and Critical Care, Hôspital Universitaire de Genève, Geneva, Switzerland (Dr K. Bendjelid & Dr B. Bollen)

-          Department of Anesthesiology, Rutgers University, New Jersey, USA (Prof. G. Atlas)

-          dr. F. Bilotta, Department of Anesthesiology, Critical Care and Pain Medicine, "Sapienza" University of Rome, Rome, Italy, Chair of the Sub-Committee on "Neuroanesthesia" of the European Society of Anaesthesiology